Chemie Energie

VITO en RMI brengen in kaart hoe Odisha (India) kostencompetitieve groene ammoniak kan leveren aan Noordwest-Europa, waaronder Antwerpen-Brugge

De voorstudie naar de haalbaarheid door RMI en VITO toont potentieel voor minstens 1 miljoen ton groene ammoniak per jaar van Odisha naar Noordwest-Europa tegen 2030.

Haven van Antwerpen (copyright Sergey Dzyuba)
Nieuwsbericht 5 november 2026

Rocky Mountain Institute (RMI) publiceerde vandaag Unlocking an Odisha, India–Northwest Europe Green Ammonia Trade Corridor, een voorstudie naar de haalbaarheid die in samenwerking met VITO tot stand kwam. Het rapport werd voorgesteld op de Bharat RE Summit 2026, in aanwezigheid van vertegenwoordigers van het Indiase ministerie van Nieuwe en Hernieuwbare Energie (MNRE) en de Solar Energy Corporation of India (SECI).

RMI leidde de studie en coördineerde het werk rond de handelscorridor en de contacten met de industrie. VITO bood strategische en technische ondersteuning rond de Europese vraag en infrastructuur. De bevindingen steunen op bijna twee jaar overleg en bijdragen van meer dan 20 organisaties, waaronder Europese afnemers, Indiase producenten, havenautoriteiten, infrastructuurontwikkelaars en partijen die de vraag bundelen. Dit initiatief wordt ondersteund door het New Energy Industrial Strategy Center (NEIS Center).

Het rapport geeft aan dat de handel in groene ammoniak tussen India en Europa kan bijdragen aan de prioriteiten van beide regio’s. Die handel kan de Europese industrie een betrouwbare en betaalbare aanvoer van schone moleculen bieden en Indiase producenten de exportvraag bieden die ze nodig hebben om op te schalen. De studie onderzoekt onder welke voorwaarden de Indiase deelstaat Odisha de industrieclusters in Antwerpen-Brugge, Hamburg, Noordrijn-Westfalen en Rotterdam kan bevoorraden en wat er nodig is om al in 2030 de eerste substantiële volumes te leveren.

“Een handelscorridor voor groene ammoniak tussen Odisha in India en Noordwest-Europa biedt India en Europa een belangrijke kans om samen hun strategische prioriteiten te realiseren. Voor India kan dit investeringen mogelijk maken, de productie van groene ammoniak opschalen en zijn positie versterken op de opkomende wereldmarkten voor schone energie. 

Voor Europa kan de corridor toegang bieden tot een gediversifieerde aanvoer van groene moleculen tegen concurrerende prijzen. Die zijn nodig om de Europese zware industrie en het vervoer te verduurzamen met behoud van hun concurrentievermogen en tegelijk de energiezekerheid te versterken. 

Door deze complementaire sterktes en de spelers in de hele waardeketen met elkaar te verbinden, kan de corridor een gezamenlijke ambitie omzetten in een langdurig partnerschap voor schone energie. Zo kunnen de eerste commerciële overeenkomsten en projecten tegen 2030 tot stand komen.”

- Oleksiy Tatarenko, Senior Principal bij RMI

 

Belangrijkste bevindingen

  • Odisha in India kan Noordwest-Europa kostencompetitieve groene ammoniak leveren. De Indiase deelstaat Odisha heeft bij acht projectontwikkelaars samen een aangekondigde capaciteit van meer dan 6,5 miljoen ton per jaar aangetrokken, en er is ongeveer 0,8 miljoen ton in aanbouw. De analyses schatten dat groene ammoniak uit Odisha die aan de RFNBO-criteria voldoet, in Noordwest-Europese havens kan worden geleverd voor ongeveer 665 tot 774 euro (755 tot 879 Amerikaanse dollar) per ton. Dat maakt India een aantrekkelijke leverancier voor Europese afnemers.
  • Europese raffinaderijen kunnen de eerste belangrijke afzetmarkt vormen voor ingevoerde groene ammoniak. Raffinaderijen gebruiken al waterstof. De derde Europese richtlijn voor hernieuwbare energie (RED III) legt doelstellingen vast voor hernieuwbare waterstof in transportbrandstoffen. Raffinaderijen onderzoeken elektrolyse op hun eigen site en andere binnenlandse opties om aan de richtlijn te voldoen. Ingevoerde groene ammoniak kan een aanvullende mogelijkheid bieden. 

    Duitsland koppelt financiële sancties aan het niet behalen van quota in de transportsector. Raffinaderijen in Hamburg en Noordrijn-Westfalen zouden tegen 2030 ongeveer 0,8 miljoen ton groene ammoniak nodig kunnen hebben als ze hun aandeel volledig via invoer invullen. Het gebruik van waterstof die door kraken uit Indiase groene ammoniak wordt gewonnen, zou naar schatting 30 tot 90 euro per ton brandstof extra kosten. Dat ligt doorgaans onder de sanctie van 88 tot 210 euro per ton die Duitsland hanteert. Ook vanuit de kunstmestindustrie, de chemische industrie en de maritieme sector kan vraag volgen.
  • Afstemming binnen de waardeketen is het belangrijkste knelpunt. De vier clusters Antwerpen-Brugge, Hamburg, Noordrijn-Westfalen en Rotterdam verbruiken samen al ongeveer 1,8 miljoen ton waterstof per jaar, vrijwel volledig geproduceerd uit aardgas. De trage omzetting van de Europese doelstellingen voor hernieuwbare brandstoffen in nationale wetgeving en de achterblijvende infrastructuur voor invoer en het kraken van ammoniak remmen echter de vraag naar schone moleculen af. 

    De markt zit bovendien vast omdat elke speler op een andere wacht. Afnemers ondertekenen geen langetermijncontracten zonder kostencompetitief aanbod en infrastructuur die aan hun behoeften voldoet. Ontwikkelaars van de infrastructuur tussen producent en afnemer nemen geen definitieve investeringsbeslissing (FID) zonder contractueel vastgelegde doorvoervolumes. Producenten krijgen hun financiering niet definitief rond zonder afnamecontracten met kredietwaardige afnemers. Een gecoördineerde handelscorridor doorbreekt die impasse door de vraag te bundelen, tijdschema’s op elkaar af te stemmen en aan te geven waar overheidssteun nodig is om het resterende kostenverschil te overbruggen.

“Voor Noordwest-Europa biedt dit de kans om de aanvoer van schone moleculen te diversifiëren en tegelijk het concurrentievermogen van de industrie te ondersteunen. Om dat potentieel te realiseren, moeten Europese afnemers, havens en infrastructuurontwikkelaars samenwerken om de vraag te bundelen en hun investeringsplanning op elkaar af te stemmen. Deze studie biedt een onafhankelijke onderbouwing voor die beslissingen en een basis om een veelbelovende handelsroute om te zetten in concrete projecten”

- Pieter Lodewijks, Programme Manager bij VITO

Als volgende stap wil RMI, met steun van VITO, een volledige haalbaarheidsstudie leiden en een formele coalitie oprichten voor de handelscorridor tussen Odisha (India) en Noordwest-Europa. De focus verschuift van de vraag of de corridor kan werken naar wat nodig is om hem te realiseren. Dat betekent meer zekerheid krijgen over afnamevolumes en betalingsbereidheid, een selectie maken van projecten in Odisha die klaar zijn voor investeringen, de planning van productie en infrastructuur op elkaar afstemmen en commerciële afspraken uitwerken die projecten tot een definitieve investeringsbeslissing kunnen brengen.

Lees de volledige voorstudie naar de haalbaarheid (alleen Engels)

Organisaties die zich bij de coalitie willen aansluiten, kunnen contact opnemen met Oleksiy Tatarenko via otatarenko@rmi.org.