Nieuwe studie – Warmtepomp of gasboiler: wat is vandaag economisch de slimste keuze?
In de winter duikt elk jaar opnieuw dezelfde vraag op. Is de warmtepomp een betaalbaar alternatief om een woning te verwarmen? VITO dook in de cijfers en hield verschillende energieprijsscenario’s en energielabels tegen het licht.
De VITO-experts onderzochten wanneer een individuele lucht-water warmtepomp zonder bijkomende verbouwingen economisch aantrekkelijk wordt tegenover een nieuwe gas- of stookolieketel. De analyse vergelijkt de totale kosten over 25 jaar (2025–2050) voor verschillende energieprijsscenario’s en energielabels, en kijkt ook naar de rol van premies en een mogelijke taxshift.
De studie gebeurde in opdracht van het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA) en als voorbereiding op het Vlaams Energie- en Klimaatplan (VEKP).
Wat is de hoofdconclusie
Uit een vorige studie blijkt dat het kantelpunt voor rendabiliteit van een lucht-water warmtepomp bij een elektriciteit-gasprijsverhouding tussen 3,5 en 2,5 ligt. Wanneer echter, zoals in deze nieuwe studie, ook systematisch rekening wordt gehouden met investeringskosten en reëel verbruik, blijkt dat een warmtepomp in veel woningen pas economisch aantrekkelijk wordt bij aanzienlijk lagere prijsverhoudingen dan 2,5.
Bij gunstige verhoudingen, zoals 2,2, wordt een warmtepomp economisch aantrekkelijk voor vrijwel alle woningen met een B-label en voor meer dan de helft van de woningen met een C-label. Bij ongunstigere scenario’s, zoals 2,9 of hoger, blijft het aandeel woningen waarvoor een warmtepomp rendabel is beperkt.
Concrete cijfers: wat betekent dit in de scenario’s uit de studie
- Bij een prijsverhouding van 2,9 is een warmtepomp met een gemiddelde premie van 3.000 euro rendabel voor 5 tot 7 procent van de bestaande eengezinswoningen waar het verwarmingssysteem wordt vervangen. Bij een gemiddelde premie van 4.500 à 5.000 euro stijgt dit aandeel tot 16 à 18 procent.
Voor deze energieprijzen en met een renovatiepremie van 3.000 euro is een warmtepomp economisch aantrekkelijk voor 24 procent van de woningen met een B-label en 11 procent van de woningen met een C-label.
-
Bij een prijsverhouding van 2,2 stijgt het aandeel naar 26 tot 41 procent van de bestaande eengezinswoningen met een premie van 3.000 euro, en naar 32 tot 50 procent met een premie van 4.000 à 5.000 euro.
Bij deze energieprijzen en met een premie van 3.000 euro is een warmtepomp economisch aantrekkelijk voor vrijwel alle woningen met een B-label, 72 procent van de woningen met een C-label en 37 procent van de woningen met een D-label. Een premie van 4.000 tot 5.000 euro maakt de overstap naar een warmtepomp ook economisch haalbaar voor 75 procent van de woningen met een C- of D-label.
Deze studie bouwt verder op eerdere analyses
Deze studie bouwt verder op eerder VITO-onderzoek, waaronder de position paper “Winter is Coming – where are the heat pumps”, de VEKA-studie over hybride warmtepompen, de “Factcheck rendabiliteit warmtepompen” en de studie voor Luminus over koolstofbeperkingen en EPC’s.